Herdenking Eerste Wereldoorlog

Terug naar erfgoedcelviersprong

Historiek

2746_me 2747_me

De zeppelinhal

Bij het uitbreken van de Eerste wereldoorlog had Duitsland een duidelijke voorsprong in de ontwikkeling en bouw van zeppelins. Op een uitgestrekt terrein in de “Lembergse kouter”, gelegen op het grondgebied van de dorpen Gontrode (Melle) en Lemberge (Merelbeke), werd in het  voorjaar van 1915 een reusachtige luchtschipbasis opgetrokken door een compagnie van het Duitse II. Regiment Eisenbahn.

Het ging om de bouw van een gigantische hal, geschikt voor het aanmeren van zeppelins, van 180 bij 76 meter. De hal was 50 meter hoog en verrees in enkele maanden tijd (ter vergelijking: het grondoppervlak van de Sint-Baafskathedraal is 118m x 46m). De hal bood plaats aan twee zeppelins, maar zou nooit voor meer dan een zeppelin tegelijkertijd gebruikt worden. De luchtschepen werden met mankracht naar buiten getrokken en aan de grond gehouden. Hiervoor waren een paar honderd man nodig.

Raids op Groot-Brittanië

Vanop de vliegbasis van Gontrode vertrokken de eerste jaren van de oorlog verschillende zeppelins om bombardementen uit te voeren boven Groot-Brittannië. Het veld van Gontrode werd volledig gedraineerd met buizen en er werden sporen aangelegd die aansloten op de bestaande spoorweg rechts van Gontrode. Dit voor de aanvoer van munitie, bommen en gas naar het aanpalende munitiepark en de vliegloods. Naast vliegend personeel, grondploegen, de Startdienst, de Waffenmeisterei, het Blinkfeuercommando, de meteorologen, telefonisten en telegrafisten waren er ook patrouilles om de veiligheid van het vliegveld te verzekeren. Er was een kabelballon gestationeerd, die dienst deed als observatiepost tegen geallieerde vliegtuigen en tevens een navigatiebaken was voor de aanvliegende luchtschepen. Deze ballon werd door de lokale bevolking “’t varken van de keizer” genoemd.

Zeppelin LZ37

Het luchtschip dat de grootste rol speelt in de luchvaartgeschiedenis boven Gent en omstreken, is de LZ37 (=zeppelin) die in Etterbeek gestationeerd was. De nacht van 6 op 7 juni 1915 werden maar liefst vier luchtschepen ingezet om Londen te bestoken. De LZ37 onder leiding van boordcommandant van der Haegen had bij nadering van Gent technische problemen. Het was de bedoeling het luchtschip te laten landen op de basis in Gontrode. Nog voor het schip kon landen, werd het aangevallen door de Britse piloot Reginald Warneford. Hij dook verschillende keren naar de zeppelin en wierp meerdere bommen uit.

Na de onderschepping van de zeppelin moest hij met zijn vliegtuig twee noodlandingen uitvoeren. Het verhaal werd nog wekenlang uitvoerig in de Britse pers uit de doeken gedaan. Hij slaagde erin de LZ37 neer te halen boven Sint-Amandsberg. De voorkant sloeg te pletter tegen het klooster van de zusters van  O-L-V Visitatie. Het achterste deel miste nipt de kerk en kwam schuin over de Gentstraat en op het kerkhof te liggen. Tot op heden is de straat waar het luchtschip neerstortte naar de Britse piloot Reginald Warneford genoemd en spreekt het drama nog steeds tot de verbeelding van veel Gentenaars. De Duitse slachtoffers werden op 9 juni bijgezet op de Westerbegraafplaats te Gent.

Nieuwe bezoekers op het vliegveld

Na het vertrek van de zeppelins verrezen er te Gontrode nieuwe gebouwen voor de volgende bezoekers van het vliegveld, de Gotha IV vliegtuigen die opnieuw ingezet werden om raids boven Londen uit te voeren. Het vliegveld van Gontrode speelt ook hierin een belangrijke rol.

Een publiek geheim?

De geschiedenis van het vliegveld van Gontrode en de neergestorte zeppelin van Sint-Amandsberg worden uitvoerig gedocumenteerd in de aflevering van Publiek Geheim (Canvas-2011) en worden uitgebreid beschreven in de dagboeken van o.a. Marc Baertsoen en Virginie Loveling.

De site van het voormalig vliegveld is opnieuw toegankelijk voor het publiek. Een panoramatafel, fiets- en wandellus en de website www.hetvliegveldvangontrode.be vertellen dit vergeten verhaal. Lees er hier alles over.